<<

Kooktechniek - Bouillon

Waarom een bouillonblokje gebruiken als je zelf lekkere bouillon kunt maken? Met een zelfgemaakte groentebouillon heb je een uitstekende basis voor soepen, sauzen, risotto en andere gerechten, of voor een lekkere kop warme, versterkende bouillon. De basisgroenten voor een bouillon zijn prei, wortelen, bleekselderij, uien, of wat je aan groenten in huis hebt, en een kruidentuiltje met zeker tijm, laurier, peterselie. Zelf bouillon maken is ideaal om restjes rauwe groenten te verwerken. Je kunt het jezelf ook gemakkelijk maken door zakjes met voorgesneden soepgroenten te kopen. De bereiding is erg eenvoudig. Snijd de groenten in stukken, stoof ze zachtjes aan in wat vetstof zonder ze te laten verkleuren. Blus eventueel met witte wijn af. Vul een kookpot met een ruime hoeveelheid water, voeg de groenten toe, breng aan de kook, zet dan het vuur lager en laat gedurende 1 uur zachtjes sudderen. Sommige recepten geven een kortere bereiding aan, maar je moet een bouillon ruim de tijd geven om voldoende smaak te krijgen. Zeef de groenten eruit. Kruid verder bij en laat afkoelen. Het is handig om een ruime hoeveelheid bouillon te maken en een deel ervan in potten, bekers of bakken in de diepvriezer te bewaren. Zo heb je altijd een lekkere basis voor een volgend gerecht. Bij het gaarkoken of blancheren van groenten blijft ook een bouillon achter. Gooi deze niet weg, maar bewaar eventueel voor later om te gebruiken bij het versterken van een saus, soep of andere.

TECHNIEK

  1. Reinig en was de groenten. Snijd ze in stukken. Stoof ze aan in olijfolie of boter.
  2. Breng ze samen met een ruime hoeveelheid water aan de kook en laat op een zacht vuur gedurende 1 uur trekken.
  3. Zeef de groenten uit de bouillon, breng verder op smaak. Gebruik meteen of vries in.